Melkstal van Wezenspyk begint aan tweede leven

Een nieuwe bezienswaardigheid op kaasboerderij Wezenspyk, waar bezoekers sinds kort met eigen ogen kunnen zien hoe de koeien worden gemolken. Sinds de melkrobot er zijn intrede heeft gedaan, gaat het melken er 24 uur per dag door. ‘Het past goed bij ons bedrijf. Nu is er de hele dag door wat te zien en we hopen dat het arbeid bespaart’, vertelt Anton Witte. Op zondag 16 december houdt het bedrijf van 10.00 tot 18.00 uur open dag.

De stal die ruim 25 jaar geleden op Wezenspyk werd gebouwd, is begonnen aan een tweede leven. De melkput waarin de koeien al die jaren zijn gemolken, heeft plaatsgemaakt voor een publieksruimte van waaruit men zicht heeft op de melkrobot. Te zien is hoe de koeien geduldig op hun beurt wachten om van hun melk te worden verlost. Niet ’s morgens en ‘s avonds, zoals dat in het verleden gebeurde, maar op elk moment van de dag. Dat kan zelfs oplopen tot een keer of een keer of vier, al naar gelang de hoeveelheid melk die de koe produceert. Maar gemiddeld twee of drie keer per dag. ‘Het voordeel is dat een koe niet meer met zo’n volle uier hoeft rond te lopen, maar zelf kan bepalen wanneer ze wordt gemolken. Dat is prettiger voor zo’n dier en één van de redenen waarom we op een robot zijn overgestapt. Eerst waren we dat niet van plan, maar toen bleek dat de kosten tussen een traditionele melkinrichting en een robot niet veel verschilden, hebben we voor de robot gekozen.’ Met wel als gevolg dat het werk van Witte, Edwin Witte en Silke Kruk bij toerbeurt molken ingrijpend is veranderd. ‘Het contact met de koeien is heel anders geworden. Voorheen keken we van onder af tegen de uiers aan, nu lopen we tussen de koeien door om ze te controleren. Als een koe iets mankeerde, bijvoorbeeld een ontsteking, dan voelden we dat tijdens het melken direct en hielden we de melk apart. Nu moeten we vertrouwen op de robot.’ Dat elektronica biedt de helpende hand. ‘De melk van elke koe wordt getest, en als uit de geleidbaarheid, kleur of andere eigenschappen blijkt dat er iets aan de hand is, dan zorgt de computer dat de melk automatisch apart wordt gehouden.’

De robot is een vernuftig stukje techniek. Terwijl de mechanische arm de zuignap naar de uier brengt, zorgt een elektrisch oog dat deze precies over de juiste speen wordt geplaatst. Vooraf worden bij elke koe de spenen en apparatuur gereinigd. ‘We moeten er volledig op kunnen vertrouwen, want zeker bij het maken van rauwmelkse kaas mag er geen enkele vervuiling in de melk zitten.’

Stiers

De vrees dat er bij het automatische proces wel eens wat mis gaat, bleek onterecht. Witte: ‘Het is meegevallen. En als er eens een storing is, dan krijgt degene die dienst heeft een sms’je.’ Elke koe heeft een chip om de nek, die in verbinding staat met de computer. ‘Er zit bijvoorbeeld een activiteitenmeter in. Als dat afwijkt van wat gangbaar is, dan geeft de computer aan dat er wat aan de hand is. Bijvoorbeeld als de koe stiers is, maar het kan ook zijn dat er wat anders aan de hand is.’ De computer houdt ook bij hoeveel keer de koe is gemolken. Op het scherm heeft elk dier een kleur. Rood moet nog gemolken, geel mag en wit is nog niet aan de beurt. Als zo’n koe toch de robot in gaat, wordt er deze keer niet gemolken. Witte: ‘De koeien zijn er redelijk snel aan gewend geraakt. Eéntje moeten we er steeds induwen. Normaal gesproken zou je die als boer opruimen, maar zo zitten wij niet in elkaar. Maar als het dier eigenwijs blijft, dan komt er een moment…’

Geschiedenis

De bezoekersruimte van waaruit men zicht heeft op de melkrobot, is ingericht met een tentoonstelling waarin onder meer de geschiedenis van de kaasboerderij wordt belicht. ‘Het past in de rondleiding over ons bedrijf. Bezoekers kunnen nu met eigen ogen zien hoe de koeien worden gemolken. Ze vinden het geweldig en het is een mooi stukje voorlichting. De kijkers worden via een trap ook meegenomen naar een groot platform van waaruit men zicht heeft op de loopstal. Te zien is onder meer hoe de koeien regelmatig een rondje maken langs een grote borstel. Door de andere inrichting zijn er twaalf extra ligplaatsen. En er is ruimte om in de toekomst een tweede robot te plaatsen. ‘Want dat je als boer moet blijven groeien, staat wel vast.’

Tekst Gerard Timmerman

Foto's